Ik zie het groen overal
nee, ik hoef niet eens te zoeken,
het achtervolgt me
zonder waarschuwing
staat het voor me.
Een kleine nuance die het perfect
maakt, haast angstaanjagend,
naast de rode rust
van bakstenen die me warm houden.
of zeg maar
rode roest.
Ik zie jouw groen
in andermans blauw.
ik zie Maria naar me
lonken, haar schouders
ontblotend.
Haar ogen staren
en blijven dwalen
in het diepste van mijn gebed.
Ik smeek,
God ik heb gesmeekt,
- maar niet tot U,
Uw diplomatische ontrouw
biedt geen warme schoot -
gesmeekt
dat mijn hart moet stoppen
zo oorverdovend
door te draven
als een neukend konijn.
Straks hoort ze mijn kreten
en bezoekt ze mijn bed,
een Magere Hein,
maar dan met negligé.
Dan is het te laat
om te bidden,
dan ben ik
haar nieuwe gebed.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten