Het is glad ijs, met deze vrouw
apart al te vaak door de mand gevallen
of in een mand gelegen als een hond
en na de puppydagen
lieten ze ons los
Ik wil haar niet in mijn mand
Ik wil haar in mijn bed
en aan de ontbijttafel
en aan mijn hand
in de stad, in de regen
in bad, in mijn armen
in mijn tranen en
mijn lach
Ze is klein in centimeters
groot in moed en zorgzaamheid
Ze is klein in mijn hand
maar groot als ze mij
over plassen draagt
mij erover lift
met haar soms harde 'g'
en haar noordelijke directheid
de staccato's in haar
vingervlugge wijzen
masseren mijn mondhoeken
tot een lach.
Als ze fronst,
ontsnapt een vogel
boven haar ogen
haar wenkbrauwen vliegen eraf.
Ik kwispel nog stiekem
achter de deur
tot de vogel zich nestelt,
haar veren platstrijkt
haar veren platstrijkt
tot wenkbrauwen van een kind
op zijn eerste dag.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten